Er staat echt wat op het spel

Democratie lijkt het onderspit te delven in onze complexe werkelijkheid: beleidsdomeinen raken steeds verder verstrengeld met elkaar, de wachttijd tussen beleid ontwikkelen en uitvoeren wordt steeds langer en uitvoering raakt steeds verder bedolven onder onvoorziene omstandigheden. Deze dynamiek trekt een grote tol op onze democratie.

Democratie is een traag proces: beloften pakken in de praktijk altijd anders uit en beleid is altijd duurder dan vooraf ingeschat. Maar veel erger is het als we er burgers helemaal niet meer over gaan. Dat risico is levensgroot. Terwijl technologische ontwikkelingen de samenleving in adembenemend tempo opjagen zakt onze democratie juist steeds verder weg in een impasse.­­

‘Grote bedrijven weten uitstekend hoe ze de politieke besluiten naar hun hand kunnen zetten’ schrijft NRC-journalist Mark Lievenisse Adriaanse in zijn boek ‘Wat iedereen aangaat’, Volgens Felienne Hermans, professor in de informatica, wordt informatietechnologie extreem ingewikkeld en ondoordringbaar voorgesteld, ‘zo kan bijna niemand die bullshit doorzien.’ En over geld gaan we allang al niet meer zelf: ruim 90% van de maatschappelijke geldhoeveelheid ‘is geld gecreëerd door commerciële banken’, zegt Thomas Bollen in ‘Geld genoeg maar niet voor jou’.

Ondanks alle aandacht staat onze democratie onder hoogspanning. Meningen zijn steeds makkelijker ‘verkrijgbaar’ – zie bijvoorbeeld De Goede Zaak en My Voice, My Choice – terwijl het voor politici juist steeds lastiger wordt om die meningen om te zetten in realiseerbare verkiezingsbeloften: de verbinding tussen burgers en vertegenwoordigers gaat verloren. We verliezen daarmee meer dan het idee van democratie: we verliezen het stuur op ons eigen leven en samenleven.

Je hoeft niet álles in eigen hand te hebben, maar alles verliezen is geen optie. We moeten nieuwe pijlers slaan onder onze democratie. Dat begint met onzekerheidstolerantie. immers: democratie verloopt traag terwijl onze dagelijkse werkelijkheid in rap tempo verandert. Gedane beloften kunnen de volgende dag niet meer realiseerbaar blijken.

Een snel veranderende samenleving creëert veel onzekerheid.  Dat is lastig maar niet onoverkomelijk, want mensen kunnen forse onzekerheid verdragen. Tenminste, zolang we het gevoel hebben dat we zelf kunnen handelen, bijsturen en aanpassen. De paradox is echter: we besteden veel aandacht aan preventie, aan het voorkomen van onheil. Maar als we van alles willen voorkomen staan we ook zelden nog ergens bloot aan: we verliezen de vaardigheid om met onzekerheid om te gaan. Onzekerheid staat dan steeds vaker gelijk aan stress en stress vergroot onzekerheid.

We komen klem te zitten in een vicieuze cirkel. Het verliezen van verkiezingen kan gaan voelen als een existentieel verlies: de verkeerde uitkomst ontwricht ons persoonlijke leven. We vertrouwen verkiezingen niet meer, geloven niet dat inspraak iets uitmaakt en dwalen steeds verder weg van onze democratie.

De vraag is hoe we de maatschappelijke gevolgen van onzekerheid kunnen dempen de WRR introduceert de term ‘grip’ en doet een dringend beroep op de overheid om omstandigheden te creëren waardoor burgers meer grip op hun eigen directe omstandigheden kunnen krijgen. Grondwerk richt zich op burgers zelf: 
Welke rol kunnen we daar zelf in hebben?